Dit draaiboek geeft richting aan de locatie en de kwaliteit van bijkomende meergezinswoningen (appartementen).
Meergezinswoningen worden niet uitgesloten, maar er wordt een kader gecreëerd om te bepalen welke woningtypologie het best past op welke locatie. Daarbij blijft het behoud van eengezinswoningen het uitgangspunt.
Dit betekent dat meergezinswoningen vooral langs invalswegen kunnen worden gerealiseerd, op voorwaarde dat de goede ruimtelijke ordening gegarandeerd blijft. Niet het aantal woongelegenheden staat centraal, maar de kwaliteit van het ontwerp en de inpassing in de omgeving.
Wanneer een meergezinswoning verenigbaar is met een goede ruimtelijke ordening, moeten de wooneenheden voldoende kwalitatief zijn en bijdragen aan het welzijn van de inwoners. Zo worden onder andere minimum netto vloeroppervlaktes voorzien, afhankelijk van het aantal slaapkamers.
